De binnenplaats

18358737_801383046694680_6323252788210025032_o

Ik heb een droom : in mijn droom zie ik mijn grootmoeder
langs vaderskant
ze is nog een jong meisje en ze zit op de binnenplaats
ze kijkt naar de mussen
haakt de witte bedsprei voor de eerste huwelijksnacht

De binnenplaats, onder de mangoboom
en het getsjirp van krekels laat op de dag.
Dezelfde plek waar ik de zomers van mijn kinderjaren
spendeer. Ze vertelde me over de twee seizoenen van een vrouw.

De binnenplaats, het is dezelfde plek
waar ze me vertelt dat
zoals voorgeschreven in de traditie
haar vader regelt dat zij met de zoon van zijn broer trouwt.

Haar woorden blijven bij mij.

 

”Taal is mijn religie. Het is het belangrijkste werkinstrument van de mens. Alleen in taal kun je vaststellen wie je bent. Hoe beter je bent uitgerust om dat instrument te beheersen en te manipuleren, hoe meer macht je in zekere zin hebt. Het stelt je in staat dingen te realiseren die voorheen nog niet bestonden. Het creëren van een verhaal is voor mij daarom een mannelijke bezigheid. Het vrouwelijke aspect ervan is dat taal me ontroert. Maar de twee componenten zijn wel essentieel in mijn schrijfproces. Schrijven is een erotische bezigheid. ”

( Aidan Chambers)

Dadi jaan

Dadi Jaan

1.
Ik zag hoe je moest lachen toen ik op de daken van de buren liep.
Ik was sneller dan mijn neven, hun moeders deden mijn vader beloven
dat ik later met hen zou trouwen.
De buurman liet mij binnen langs de deur op het dak. Ik liep de trap af, en verstopte me in de kamer waar enkel de vrouwen mochten komen.

2.
De melkboer was op bedevaart geweest naar Mekka.
In de steeg waar hij de huizen langsging, kondigde hij aan dat mijn grootmoeder meer geld moest betalen. Nu hij vrij was van zonden, mocht hij immers niet langer liegen en water bij de melk doen.

3.
Ik was altijd bij jou tijdens het mangoseizoen. Samen liepen we naar de markt om fruit en groenten te kopen. Je leerde me dat het vruchtvlees rond de grote pit het lekkerste is en ik wist dat als we mango’s aten, ik altijd de pit kreeg.

4.
We sliepen samen in het grote bed en je vertelde me over de jinns die wakker werden tijdens de nacht. Je vertelde me dat zij ons konden zien, maar wij hen niet. Je vertelde me dat ze niet boos mochten worden. Je leerde me hoe een goed mens te zijn, daarna reciteerde je een soera en ik voelde hoe ogen die naar mij staarden, de kamer verlieten.
5.
De warme lucht, laat op de dag, als we het huis verlieten. Je dronk thee met de anderen en je liet hen de juwelen zien die je die dag in de Bazaar had gekocht. Het rook vochtig, maar het regende niet. ‘s Avonds kwamen de mensen op straat, ik zag hoe de mannen arm in arm liepen en probeerden om niet naar de vrouwen te kijken.

Kashmiri tea

SAM_8733.JPGEen paar dagen geleden was ik jarig ( ik word oud) en ik gaf me zelf als cadeautje, kashmiri tea, oftewel Noon Chai, dat bekend staat als ‘roze thee’.

Lekker!

Ingrediënten :
melk, koud water, baking soda, zout, kaneel, cardemom, groene theebladeren, pistachenoten.

brieven aan morgen

Gisterenavond viel ik in slaap met de gedachte aan een zin die ik wou opschrijven en die ik niet mocht vergeten.
Ik was nog aan het twijfelen of ik niet zou opstaan om het snel op een papiertje op te schrijven, maar het was net zo lekker donzig en warm in bed, dat ik het toch niet heb gedaan.
Deze ochtend wist ik nog dat ik die zin moest onthouden, maar ik wist niet meer wat die zin precies was. Ik wist enkel nog ongeveer de gedachte waarover ik aan het weven was in mijn hoofd.

Gisteren heb ik interviews gelezen van mensen die ik bewonder. Dat geeft me altijd heel veel energie.
Zo las ik alles over wat filosofe Alicja Geschinska denkt over armoede, literatuur, ongelijkheid, vrijheid,…
Ik las over hoe ze is opgegroeid, over hoe moeilijk het voor haar ouders was om te migreren van Polen naar België, hoe dat ze haar plek in de wereld heeft moeten zoeken en nog steeds zoekt.
In één van haar interviews gaf ze als tip mee aan jonge mensen om in een dagboek te schrijven. Zo, zei ze, leer je omgaan met je gevoelens en gedachten. Als je ouder wordt, is het gemakkelijker om jezelf te relativeren. Jonge mensen moeten dit nog leren. Ze heeft zelf ook altijd haar gevoelens geuit op papier, en als ze die nu terug leest, beseft ze dat ze op bepaalde gebieden nog heel immatuur was.
Als ze een tegenslag had bijvoorbeeld, wist ze nog niet hoe ze daar mee moest omgaan.

Ik heb als kind en als jonge tiener altijd in een dagboek geschreven. Maar de laatste jaren niet meer zo, tenzij ik me echt heel slecht voelde of als ik heel boos was en het me van me af wou schrijven.
Alicja Geschinska zei me dat haar jonge twintig-jaren heel erg moeilijk voor haar waren. Ik vind dat ook. Ik voel me nu pas op deze leeftijd verantwoordelijk voor mijn eigen leven. Zo hoort het ook te zijn, maar met die verantwoordelijkheid komen ook heel veel angsten en vragen. Ga ik dat allemaal wel kunnen? Ben ik moedig genoeg om mijn eigen ‘keuzes’ te maken?  Wat als er iets heel ergs gebeurd, zoals een ongeluk, of schulden? Wat als ik verliefd word op de verkeerde persoon? Wat als ik mezelf teleurstel? Of dat ik niet zal leven zoals ik zou willen leven?

Ik denk dat ik misschien wel interessante gesprekken in mijn dagboek zal hebben, die misschien later wel overbodig of immatuur zullen lijken, maar daarom niet persée minder waar.

Dankjewel Alicja Geschinka, voor je interviews en alles wat je denkt en doet!