Het midden van de wereld

Toen ik nog maar 15 jaar oud was, was ik in de ban van het jeugdboek Het midden van de wereld van Andreas Steinhöfel.
Ik herinner me nog dat ik zo met het boek meeleefde dat ik de namen van de hoofdpersonages neerschreef in mijn cursus en dat ik me voorstelde hoe het zou zijn als ze hier bij mij waren of ik bij hen.
Ik herinner me zelfs nog dat een vriendin mij vroeg : ‘’ Wie zijn dat? ‘’ , toen ze de namen zag staan.

Ik vroeg me  af : hoe doet een schrijver zoiets? Hoe verzint hij die verhalen, waar haalt hij die personages vandaan? Hoe maakt hij een man, een schipper, die de hele wereld afreist, die rusteloos is en nergens kan blijven?
Hoe maakt hij een vrouw, die zo moedig is en eigenlijk , nu ik erover nadenk, alles behalve de perfecte moeder is en dat toch is?
En hoe maakt hij Phil, de jongen waar ik meteen verliefd op werd, die zich vervreemd voelt van de rest van zijn dorp?
En hoe verzint hij die pop van glas, waar Phil alle vragen van de wereld aan kan stellen en waar hij  een vaag antwoord van krijgt, en hoe komt hij op het idee om die pop van glas ooit te laten breken waardoor hij voor altijd zwijgt?

Ik werd er onrustig van. Misschien wilden mijn ogen toen al ooit schrijversogen worden.
Nu weet ik dat er overal verhalen zijn, en dat er ongelofelijke mensen op deze wereld rondlopen, dat het verhaal zo voorbij je loopt, naast je gaat zitten, een gesprek met je begint. Dat het allemaal zo zichtbaar is. het enige wat je moet doen, is luisteren en kijken. Je hoeft zelfs geen moeite te doen.

Ik was blind. Nu weet ik dat ik blind was. Misschien omdat ik de kennis niet had, dat ik nog niet wist hoe en waarom dingen gebeuren, waardoor ik al die verhalen ook niet zag.  Er is wel één ding dat ik weet : ik wil mijn leven zo inrichten dat ik de verhalen blijf horen. En dat als ik er ooit iets mee doe, ik respectvol met de wereld en zijn mensen omga.

HET%20MIDDEN%20VAN%20DE%20WERELD

De beste reclame ooit

Reclame dat ik zag op de achterkant van een tijdschrift. Eigenlijk is het niet zo'n goede reclame, want ik weet niet voor welk bedrijf het bedoeld is.
Reclame dat ik zag op de achterkant van een tijdschrift. Eigenlijk is het niet zo’n goede reclame, want ik weet niet voor welk bedrijf het bedoeld is.

De tekst :

” De moeilijkheid om van Vilvoorde naar Hongkong te gaan, is niet naar Hongkong gaan, maar weggaan uit Vilvoorde ” 
( Jacques Brel, interview
1971)

Wat het moeilijkste is voor iemand die, zeg maar, in Vilvoorde woont en in Hongkong wil gaan wonen is niet naar Hongkong gaan, maar weggaan uit Vilvoorde. Dat is moeilijk. Want eens in Hongkong komt alles in orde. Het volstaat om gezond te zijn en een beetje bezeten en dan… Hongkong ligt binnen ieders bereik. Maar weggaan uit Vilvoorde, da’s moeilijk…
Ik ken een miljoen mensen die een boek gaan schrijven. Ja toch? O, ik ken er … ik ben er een miljoen tegengekomen tijdens mijn leven. Van die mensen die zeggen: ”Weet je, nog twee jaar,… nog twee jaar bretellen verkopen he, maar dan , in ’73, schrijf ik een boek.” En dan, in ’73 kom je ze tegen en zullen ze zeggen : ” ik blijf knollen verkopen, zie je. Ik leef met mijn knollen. Ik heb een vrouw, Ik heb twee kinderen, ik heb een kat, ik heb een vriendinnetje, mijn auto is versleten, ik verkoop knollen tot in ’75 en in ’75 schrijf ik een boek. ” Het boek is een symbool. Ik vind, of het nu bretellen zijn of knollen… Als je zin hebt iets te doen, moet je je erin gooien, je moet het gewoon doen, met het risico dat je fout zit. Ik zit dan maar liever fout, ik wil me erin gooien en dat zal ik dan ook doen. Waar zal het allemaal op uitdraaien?  Kristallen bol en koffiedik kijken… En weet je waarom de mensen geen liedjes maken, en weet je waarom de mensen niet zingen, en weet je waarom mensen geen boeken schrijven? Omdat ze iets anders in de plaats doen. Het is alleen maar dat. Het is zin hebben om naar Hongkong te gaan. Ik kom erop terug. De moeilijkheid om van Vilvoorde naar Hongkong te gaan, is niet van Brussel naar Hongkong, maar van Vilvoorde naar Brussel gaan. Dat is de moeilijkheid.